Het verhaal: de beloning voor tranen om Imam Hoessein (as)
Klik om de tekstversie te lezen
Sayyed Bahr al-‘Ulum ontmoet Imam Mahdi (aj)
Het verhaal: de beloning voor tranen om Imam Hoessein (as)
Baqiyyat Allāh Instituut
augustus 2025
Sayyed Mahdi Bahr al-‘Ulum (ra) begaf zich ooit alleen op weg naar Samarra met de intentie zich te verpozen in de aanwezigheid van de verborgen Imam Mahdi (aj). Onderweg was hij diep in gedachten verzonken over de vraag hoe het mogelijk is dat het huilen om Imam Hoessein (as) iemands zonden kan vergeven. Precies op dat moment merkte hij een Arabische ruiter op die naast hem kwam rijden en hem begroette. De ruiter vroeg: “Geachte sayyed, u lijkt in gepeins verzonken. Waar denkt u over na? Als het een wetenschappelijke kwestie is, vertel het mij dan – misschien kan ik u van dienst zijn.”
Bahr al-‘Ulum antwoordde eerlijk: “Ik denk na over hoe het kan dat God de Almachtige zo’n enorme beloning geeft aan de bezoekers van Imam Hoesseins schrijn en aan degenen die om hem rouwen. Zo staat bijvoorbeeld overgeleverd dat bij iedere stap die een pelgrim richting de bezoekplaats in Karbala zet, de beloning van één hadj en één omra in zijn levensboek wordt opgetekend; en dat voor iedere traan die men om Imam Hoessein (as) stort al zijn kleine én grote zonden vergeven worden[1][2]. Hoe is dit in Godsnaam mogelijk?”
De onbekende ruiter antwoordde: “Verbaast u dat? Ik zal u een voorbeeld geven om het begrijpelijk te maken. Er was eens een sultan die met zijn hofhouding op jacht ging. In het jachtgebied raakte hij echter gescheiden van zijn dienaren en verloor de weg. Hij kreeg verschrikkelijke dorst en honger. Uiteindelijk zag hij een zwarte bedoeïenentent in de verte en ging naar binnen. In die tent trof hij een oude vrouw aan met haar zoon. In de hoek van de tent hielden zij een melkgevende geit; dat was hun enige bezit en de enige bron van inkomsten waarmee ze in hun levensonderhoud voorzagen. Toen de koning – die incognito was en niet herkend werd – hun tent binnenkwam, wilden de vrouw en haar zoon hun gast iets voorzetten. Omdat zij niets anders bezaten, slachtten zij hun enige geit om er eten van te bereiden voor de onbekende reiziger. De sultan at van hun maaltijd en overnachtte in die tent.
De volgende dag, terug bij zijn gevolg, deelde de koning zijn entourage mee wat hem was overkomen. Hij vroeg hun vervolgens: “Als ik de gastvrijheid van die oude vrouw en haar zoon wil belonen, wat zou ik hun dan moeten schenken?” Een van de aanwezigen antwoordde: “Geef hun honderd schapen.” Iemand uit de ministerraad zei: “Geef hun honderd schapen en honderd gouden munten.” Weer een ander adviseerde: “Schenk hun een van uw landgoederen.” De sultan schudde zijn hoofd en zei: “Wat ik ook geef, het is te gering. Als ik mijn hele koninkrijk – mét kroon en troon – aan hen zou schenken, dán pas zou ik gelijkwaardig iets terugdoen. Zij hebben mij immers alles gegeven wat zij bezaten; dus moet ik, om hun goedheid recht te vergelden, eveneens alles geven wat ík bezit, anders blijf ik in het tekort schieten.”
De Arabische ruiter vervolgde: “Welnu, geachte Sayyed, Imam Hoessein (as) – de Heer der Martelaren – heeft in Karbala alles wat hij had opgeofferd in de weg van God. Alles wat hij bezat, en al zijn geliefden – zijn familie en kinderen, zijn zoons en broers, zijn dochters en zusters – zelfs zijn eigen hoofd en lichaam heeft hij ter wille van God gegeven op het slagveld. Als God dan aan de bezoekers en rouwenden van Imam Hoessein (as) zulke onmetelijke beloningen schenkt, hoeven we ons daar niet over te verwonderen[3][4].
God kan namelijk Zijn eigen goddelijkheid niet aan Imam Hoessein (as) geven als beloning; dus doet Hij alles wat wél mogelijk is. Met uitzondering van Imam Hoesseins unieke positie zelf, verleent God allerlei gunsten: Hij schenkt – naast het verheffen van Imam Hoesseins eigen rang – ook extreem hoge graden aan de bezoekers van zijn graf en aan de mensen die om hem huilen. Toch beschouwt God zelfs al deze beloningen nog altijd niet als een volledige vergelding voor het ongeëvenaarde offer van Imam Hoessein (as)[5].”
Toen de Arabier deze uitleg had gegeven, verdween hij plotseling uit het oog. Op dat moment besefte Sayyed Bahr al-‘Ulum dat hij had gesproken met niemand minder dan Imam Mahdi (aj) zelf, die in de gedaante van die ruiter aan hem was verschenen[5][6]. Dit bijzondere voorval en de onthulling van het “geheim” achter de grote verdienste van rouw om Imam Hoessein zijn door geleerden gedocumenteerd. Zo staat het relaas opgetekend in bijvoorbeeld het werk al-‘Abqari al-hisan van Mirza Ali Akbar Nahavandi[7], een compilatie van ontmoetingen met Imam Mahdi (aj).
Korte biografie van Sayyed Mahdi Bahr al-‘Ulum
Sayyed Muhammad Mahdi Bahr al-‘Ulum (1155 AH/1742 – 1212 AH/1797), ook bekend als Allamah Bahr al-‘Ulum, was een vooraanstaand Iraaks sjiitisch geleerde en jurist uit de 18e eeuw[8]. Hij werd geboren in de heilige stad Karbala en kreeg zijn opleiding in de seminaries van Karbala, Najaf en Mashhad[9]. Vanwege zijn encyclopedische kennis in diverse islamitische wetenschapsgebieden – waaronder fiqh (jurisprudentie), usul al-fiqh, hadith, theologie, exegese van de Koran en ‘ilm al-rijal (traditiecritiek) – kreeg hij de eretitel “Bahr al-‘Ulum” (Arabisch voor “Zee der Wetenschappen”)[10][11]. Zijn vooraanstaande leermeesters, zoals al-Wahid al-Bihbahani, erkenden al vroeg zijn buitengewone inzicht en lieten hem op jonge leeftijd zelf vraagstukken beantwoorden[12]. Bahr al-‘Ulum bekleedde later de positie van marja‘ al-taqlied (hoogste religieuze autoriteit) en stond aan het hoofd van de sjiitische gemeenschap in Najaf. Hij stond bekend om zijn edele karakter, vrijgevigheid en spirituele inslag, en wordt gerekend tot de pioniers van de vroom-spirituele stroming onder de sjiitische geleerden[13][14].
In de sjiitische overlevering wordt herhaaldelijk vermeld dat Sayyed Bahr al-‘Ulum persoonlijk in contact stond met Imam Mahdi (aj)[15]. Opmerkelijk genoeg werd de realiteit van deze ontmoetingen door geen van zijn tijdgenoten of latere geleerden ontkend[15]. Sommige bronnen suggereren zelfs dat de mogelijkheid van een ontmoeting met de Verborgen Imam voor Bahr al-‘Ulum voortdurend openstond[16] – met andere woorden, dat hij meerdere malen het voorrecht heeft gehad Imam Mahdi (aj) te ontmoeten. Daarnaast zijn er vele wonderbaarlijke gaven (karamāt) aan hem toegeschreven[17]. Dankzij zijn hoge spirituele statuur genoot hij onder de geleerden buitengewoon respect; men beschouwde hem in ethiek en zuiverheid als iemand die [voor zover mogelijk voor normale mensen] dicht aansloot bij de onfeilbare Imams vrede zij men hen[17].
[1] [2] [3] [4] [5] [6] تشرف سيد بحرالعلوم و گريه ي بر امام حسين عليه السلام
https://rasekhoon.net/article/show/935114
[7] تشرف سید بحر العلوم و بیان حکایت گم شدن سلطان در بیابان و کشتن بز جهت پذیرایی از وی توسط پیرزن :: قل الله ثم ذرهم
[8] [9] [10] [11] [12] [15] Al-Sayyid Muhammad Mahdi Bahr al-‘Ulum – wikishia
https://en.wikishia.net/view/Al-Sayyid_Muhammad_Mahdi_Bahr_al-%27Ulum
[13] [14] ابعاد عرفانی سید بحرالعلوم – عرفان و حکمت